Posts Tagged ‘huisarts’
Minister Edith Schippers (VWS) stelt de bedragen die ze wil terughalen bij de huisartsen, logopedisten en verloskundigen naar beneden bij. Dat maakte ze vandaag bekend.
De overschrijdingen bij de huisartsen, logopedisten en verloskundigen waren in 2009 en 2010 minder groot dan eerder werd aangenomen. Bij de huisartsen zou het nu op basis van de laatste cijfers van het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) gaan om 112 miljoen euro in plaats van 132 miljoen. Logopedie gaat van 6 naar 5 miljoen euro en bij verloskunde is de overschrijding vastgesteld op 2 miljoen in plaats van 4 miljoen euro.
Kostenonderzoek
De bewindsvrouw steggelt met de huisartsen over hun praktijkkosten en inkomen. Om duidelijkheid te krijgen over de cijfers onderzoekt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZA) hoeveel huisartsen precies verdienen. Schippers wil ‘constructief overleg’ met de huisartsen, ook al omdat het CVZ voor 2011 een forse overschrijding voorziet bij de zorg door huisartsen. De minister wil onder meer met ze praten over hoe om te gaan met toekomstige overschrijdingen, maar bijvoorbeeld ook over het vormgeven van meer zorg in de buurt
Beheersmaatregelen
Een woordvoerder van Schippers wijst erop dat de minister afgelopen zomer al afspraken heeft gemaakt met ziekenhuizen en zorgverzekeraars om de stijgende zorguitgaven onder controle te houden. ‘Dat heeft de ziekenhuissector financiële rust gegeven. De minister roept de huisartsen op om tot vergelijkbare afspraken te komen. Dit in het belang van zowel de huisartsen als de patiënten. Wanneer we tot goede afspraken komen, kan er voor de huisartsenzorg na 2012 weer meer geld beschikbaar zijn’, aldus de zegsman van de bewindsvrouw. Huisartsenvereniging LHV debateert vandaag over de Rijksbegroting 2012.
Bron: ANP
View full post on FysioForum
Als huisarts in Hoogezand vroeg Thys van der Molen zich af hoe hij de behandeling van patiënten met chronische longziekten kon verbeteren; bij de afdeling Huisartsengeneeskunde van het UMCG vond hij een manier. Hoogleraar Van der Molen ontwikkelde een methode om de longarts via de computer over de schouder van de huisarts mee te laten kijken. De zorg voor patiënten met astma en COPD wordt er beter door.
Vragenlijst en Astma/COPD dienst
“We hebben een supereenvoudige vragenlijst ontwikkeld die patiënten met longklachten invullen,” vertelt Van der Molen. De vragenlijst bestaat uit 10 vragen over klachten, emotionele last en lichamelijke belemmeringen. “Patiënten vullen thuis de vragenlijst in op papier, en laten bij de Astma/COPD dienst van Lab Noord hun longfunctie meten. Lab Noord voert alle gegevens in de computer in.” Hiermee stelt de huisarts een diagnose. Van der Molen bedacht dat hij de gegevens ook wilde laten beoordelen door longartsen. Met hun kennis en ervaring kunnen zij de huisarts ondersteunen bij het stellen van de diagnose en het bedenken van de beste behandeling. “Het advies aan de huisarts is dus alsof de longarts over de schouder meekijkt, zonder dat de patiënt daadwerkelijk naar de specialist gaat” aldus Van der Molen. Hij heeft de hulp van negen longartsen in de omgeving ingeschakeld. De huisarts krijgt op deze manier advies van de locale longarts uit het ziekenhuis in de buurt.
Betere zorg
De samenwerking tussen huisartsen en de Astma/COPD dienst van Lab Noord heeft voordelen voor de patiënt. De huisarts kan direct gebruik maken van het advies van de longarts die meekijkt. Daarnaast heeft Van der Molen met onderzoek aangetoond dat het aantal patiënten dat last krijgt van een plotseling verergering van longklachten, een zogenaamde exacerbatie, met 30% is afgenomen. “Dit is een belangrijke verbetering van de zorg voor patiënten met astma en COPD,” concludeert Van der Molen.
12.000 patiënten
In de loop van de tijd zijn ruim 12.000 patiëntbeoordelingen door longartsen uitgevoerd. Twijfelgevallen werden besproken. De volgende stap die Van der Molen wil zetten, is om met de gegevens van deze grote groepen patiënten de 50 meest voorkomende diagnosen en daarbij passende behandelingen van astma en COPD in kaart te brengen. Op basis van deze profielen kan een praktijkstandaard worden ontwikkeld. Van der Molen zou deze praktijkstandaard graag willen vertalen naar een computerprogramma voor de huisarts. Als dan een patiënt met longklachten bij de huisarts komt, wordt na het invullen van de vragenlijst en het longfunctieonderzoek direct “meegekeken door de virtuele longarts.” Het advies over diagnose en behandeling is dan in overeenstemming met de mening van de gemiddelde longarts in Noord-Nederland.
Gemengde gevoelens
Dat de computer in de spreekkamer van de huisarts “meekijkt”, roept gemengde gevoelens op. “Huisartsen zijn er blij mee,” vertelt Van der Molen. “De professionele richtlijnen zijn te veel gericht op patiënten met alleen astma, of alleen COPD, terwijl in de praktijk juist veel patiënten met mengvormen voorkomen. Als huisarts heb je dan onvoldoende aan de richtlijnen. Het is een verrijking van de kennis als de longarts even meekijkt, dat sluit beter aan bij de dagelijkse praktijk.” Tijdens congressen in het buitenland heeft Van der Molen meegemaakt dat collega’s minder enthousiast zijn; ze denken dan dat de computer de huisarts kan vervangen. “Dat is niet het geval,” zegt Van der Molen, “het is echt een ontwikkeling waarbij de computer de huisarts ondersteunt. Het handelen van de huisarts wordt gerichter. En we hebben laten zien dat daardoor de zorg verbetert.”
Nieuwe onderzoeksvragen
De gegevens van alle patiënten in het computersysteem leidt ook tot nieuwe onderzoeksvragen in het ziekenhuis. Daar is bekend dat bij sommige longpatiënten de problemen meer in de kleine luchtwegen zitten, terwijl bij anderen juist de grote luchtwegen zijn aangedaan. Met behulp van het computersysteem wordt nagegaan of de patiënten goed in groepen in te delen zijn en om hoeveel mensen het gaat. Dan wordt bekeken hoe zinvol het is om bijvoorbeeld nieuwe behandelingen uit te testen. “Zo komt de behandeling van patiënten met longziekten echt vooruit,” aldus Van de Molen. “We staan nog maar aan het begin van de ontwikkeling van computerondersteuning bij de huisarts. Patiënten met diabetes en hart- en vaatziekten hebben hier waarschijnlijk ook baat bij. We gaan die kant op.”
Bron: UMC Groningen
View full post on FysioForum
“Als het de bedoeling was om zo min mogelijk aandacht te genereren voor dit rapport, dan is dat goed gelukt”, aldus huisarts Mitrasing van De Vogelvrije Huisarts in commentaar op het persbericht van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) van 4 augustus met de titel: “Markt zorgverzekeraars in beweging, verzekeraars bieden meer gecontracteerde zorg aan“. Het persbericht geeft een samenvatting van de louter positieve conclusies van het rapport Marktscan Zorgverzekeringsmarkt van de NZa: “meer gecontracteerde zorg”, “sluit aan bij afspraken met de minister”, “consumenten raken gewend”. In werkelijkheid blijkt uit de harde cijfers van hetzelfde rapport dat er van marktwerking in het geheel geen sprake is.
De harde cijfers zijn die van de Herfindahl-Hirschman-index die in de marktscan worden gepubliceerd. Deze HH-index is in de macro-economie een algemeen geaccepteerde maat voor concentratie in een bepaalde bedrijfstak en kan daarom gebruikt worden ter beantwoording van de vraag of er sprake is van concurrentie of niet. De cijfers laten zien dat de zorgverzekeringsmarkt sinds 2007 stil staat. Onder de 1000 is er sprake van een concurrerende markt en boven de 1800 is van concurrentie geen sprake meer. In alle provincies wordt deze grens verre overschreden. Zeeland en Friesland zijn koplopers met een Herfindahl-Hirschman-index van 4.135 resp. 4.508. En dat is dan nog vóór de door de NMa inmiddels goedgekeurde fusie van De Friesland met Achmea. De markt is sinds 2007 nagenoeg geheel verdeeld onder 4 grote verzekeraars die gezamenlijk een onaantastbaar oligopolie vormen.
Alsof de NZa haar eigen marktscan niet begrijpt, schrijft ze in haar beleidsbrief aan de minister dat er voor verzekerden “voldoende keuzevrijheid en concurrentie onder zorgverzekeraars” bestaat. Ook meent zij dat de relatief geringe winst die overstappers in de zorgverzekering kunnen behalen in combinatie met de nagenoeg gelijk gebleven opslagpremie van zorgverzekeraars “lijkt te wijzen op een concurrerende markt”. Terwijl uit de HH-index blijkt dat er van marktwerking in de zorg nergens in Nederland sprake is, schrijft de NZa aan minister Edith Schippers van VWS: “Het beeld dat uit de marktscan naar voren komt is voor de NZa geen aanleiding om op korte termijn vanuit haar regulering- en toezichtbevoegdheden specifieke maatregelen te treffen of specifieke toezichtactiviteiten te ontplooien.”
De Vogelvrije Huisarts concludeert dat de NZa niet langer het doel van het Zorgstelsel 2006 voor ogen heeft: concurrentie tussen zorgverzekeraars bevorderen om zo de stijgende kosten te drukken. De Herfindahl-Hirschman-index voor Nederland is 2105; ruim boven de 1.800 en ver boven de grens van 1.000 die de NZa zélf aanhoudt als borging voor een concurrerende markt. De NZa meent nu dat vergroting van de inkoopmacht van verzekeraars wenselijk is om prijsverlaging en daarmee kostenbeheersing te verwezenlijken. Dat gaat zelfs zover dat zorgverzekeraars nu budgetoverschrijdingen mogen verhalen op de gecontracteerde zorgaanbieders. Het onlangs gesloten “Akkoord op Hoofdlijnen” bevestigt de beweging naar een markt met selectief inkopende zorgverzekeraars die onderling niet met elkaar concurreren.
“Van marktwerking in de zorg komt nauwelijks iets terecht en van kostenbeheersing al helemaal niet. De NZa heeft geen enkele reden om zelfgenoegzaam achterover te leunen”, aldus De Vogelvrije Huisarts.
Bron: De Vogelvrije Huisarts
View full post on FysioForum
Schouderklachten komen vaak voor: 29 op de 1000 personen bezoekt hiermee jaarlijks de huisarts. Promovendus Oscar Dorrestijn onderzocht de aanpak van View full post on Fysiotherapie : Nieuws
Patiënten mogen op korte termijn direct naar de diëtist, ergotherapeut, logopedist, orthoptist en podotherapeut. Het is dus niet meer nodig om eerst View full post on Fysiotherapie : Nieuws
Onlangs is een belangrijke stap gezet op weg naar verbetering van de communicatie in de eerste lijn. De drie bestuurders van het Koninklijk Nederlands View full post on Fysiotherapie : Nieuws