Posts Tagged ‘jonge’
Jongeren van 12 tot 16 jaar met scoliose die bij de Sint Maartenskliniek in Nijmegen worden geopereerd, kunnen zich vanaf vandaag thuis voorbereiden op hun operatie via een nieuwe online scolioseportal. Een afgeschermde website speciaal voor jongeren die deze operatie ondergaan waarop ze allerlei specifieke informatie rond de operatie kunnen vinden.
Scoliose is een zijwaartse verkromming van de wervelkolom. Bij een operatie wordt de wervelkolom zo recht mogelijk gemaakt. Volgens verpleegkundig specialist Tosca Snippert is de online portal een effectieve manier om alle informatie over een operatie te delen: “Als patiënten voor het eerst naar het ziekenhuis komen voor een scoliose operatie, dan worden ze geconfronteerd met veel informatie. Het is vaak ook een hele gebeurtenis met de nodige impact. Als je dan ook nog een stapel folders en papieren meekrijgt, is het lastig om bij te houden wat je concreet moet doen als voorbereiding en wat je kunt verwachten. De scolioseportal is hiervoor een ideale oplossing, het bevat werkelijk alle informatie die goed te overzien is.”
De informatie op de scolioseportal is onderverdeeld in de fasen die een patiënt doorloopt, van voorbereidend onderzoek tot operatie en nazorg. Behalve tekst en afbeeldingen zijn er ook filmpjes te vinden van de betrokken behandelaars die zich voorstellen en een toelichting geven. Daarnaast kunnen de patiënten op de site ook ervaringen van andere patiënten vinden. “De patiënt kan zo snel en gericht de antwoorden vinden op zijn/haar vragen. Mocht een patiënt toch nog vragen hebben, dan kan hij/zij via de portal makkelijk contact met ons opnemen.”, aldus Tosca.
De scolioseportal is onderdeel van een traject van de Sint Maartenskliniek om meerdere behandelingen met een online portal te begeleiden. Zo zijn er het afgelopen jaar ook een speciale knieportal en een portal voor dwarslaesiepatiënten gelanceerd. Deze websites zijn alleen toegankelijk voor patiënten van de Sint Maartenskliniek.
Bron: Sint Maartenskliniek
View full post on FysioForum
Een gestoord metabolisme, zoals onder meer bij obesitas en/of diabetes type II, kan leiden tot hoge concentraties verzadigde vrije vetzuren in het bloed. Die vetzuren kunnen de ontwikkeling van het jonge embryo rechtstreeks verstoren. Dat blijkt uit nieuw onderzoek gepubliceerd in het toonaangevend wetenschappelijk online tijdschrift Public Library of Science (PloS ONE).
Deze studie, geleid door prof. dr. Jo Leroy en uitgevoerd binnen het Laboratorium van de Fysiologie en Biochemie van de Huisdieren (Universiteit Antwerpen), toont aan dat eicellen na blootstelling aan hoge concentraties vrije vetzuren aanleiding geven tot embryo’s die minder cellen bevatten, een gewijzigde genexpressie vertonen en een verstoord metabolisme hebben. Al deze parameters bevestigen de gedaalde kwaliteit van het embryo en dus een verlaagde kans op zwangerschap. Onder meer patiënten die leiden aan diabetes type II en/of obesitas, hebben vetweefsel dat veel vetten mobiliseert. Ook chronische stress doet de vetzuurspiegels in het bloed stijgen. Die vetzuren komen in het micromilieu van de eicel terecht met alle nefaste gevolgen van dien.
Het onderzoek werd uitgevoerd op eicellen en embryo’s van koeien, maar toch kunnen deze bevindingen het gekende vruchtbaarheidsprobleem bij vrouwen met de hoger genoemde metabole aandoeningen mee helpen verklaren. De kans op conceptie daalt en het aantal miskramen neemt toe.
“In koeien kunnen we vrij gelijkaardige metabole situaties nabootsen en in het slachthuis zijn eicellen makkelijk en massaal beschikbaar,” legt prof. Jo Leroy uit, die al meerdere jaren in de meerwaarde van de koe als model voor de humane vruchtbaarheid gelooft. Ook prof. dr. Peter Bols, hoofd van de onderzoeksgroep waarbinnen dit onderzoek werd uitgevoerd, bevestigt de groeiende aandacht die de koeieneicel krijgt als wetenschappelijk leermodel voor de menselijke eicel.
Kwaliteit is ondermaats
“Met speciale technieken hebben we het micromilieu waarin de eicel groeit en rijpt meerdere malen na elkaar kunnen onderzoeken bij hetzelfde moederdier. Zo weten we dat bij sterke toename van de concentratie aan vrije vetzuren in het bloed, deze ook in dit eicelmilieu of follikel terechtkomen en dat voelt de eicel. Ook een vetrijk dieet kan tot gelijkaardige effecten leiden,” zegt Leroy. In het laboratorium van de Fysiologie en Biochemie van de Huisdieren werden vervolgens in vitro experimenten opgezet om het gevolg voor de eicel en het jonge embryo te onderzoeken. “De conclusie is eenvoudig”, legt Leroy uit. “Een eicel is heel gevoelig voor de minste metabole verstoring in haar omgeving!”
Veerle Van Hoeck, die als doctoraatsstudente dit onderzoek uitvoert, gesteund door het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek Vlaanderen (FWO-Vlaanderen) en de Universiteit Antwerpen, ontdekte dat een aan vetzuren blootgestelde eicel niet alleen slecht ontwikkelt na bevruchting maar ook dat de kwaliteit van het embryo voor het moment van innesteling ondermaats is. Het embryonaal energie- en aminozuurmetabolisme is gestoord, er worden genen tot expressie gebracht die wijzen op verhoogde cellulaire stress en de zuurstofconsumptie zakt spectaculair. “Na maandenlang analyseren hebben we heel consistente resultaten die allemaal in dezelfde richting wijzen”, legt Van Hoeck uit. “In samenwerking met een Canadees laboratorium pluizen we nu de expressie van het volledige embryonale genoom uit om zo meer te weten te komen over de oorzaken en de gevolgen van deze toxische effecten”, voegt prof. Leroy nog toe.
Dr. Roger Sturmey, van de Universiteit van Hull (UK), die als specialist in het embryometabolisme aan dit onderzoek meewerkte zegt: “Deze studieresultaten tonen nog maar eens aan dat een optimaal gewicht voor de moeder in spe van cruciaal belang is”.
Toekomstig onderzoek zal moeten uitwijzen of de blootstelling van de eicel aan hoge vetzuurconcentraties ook eventuele negatieve gevolgen heeft voor de ontwikkeling en de gezondheid van het kind. Heel recent Amerikaans onderzoek op muizen wijst alvast in die richting. “Laten we dus zorg dragen voor die eicel”, waarschuwt Leroy.
Bron: Universiteit Antwerpen
View full post on FysioForum
Het UMCG doet onderzoek naar de mate van gevoeligheid van mensen om de longziekte COPD te ontwikkelen. Doel van het onderzoek is om vast te stellen of de gevoeligheid om COPD te krijgen, al op jonge leeftijd aantoonbaar is. Hiertoe wordt bij verschillende groepen de ontstekingsreactie vastgelegd die na het roken van enkele sigaretten optreedt.
Achtergrond van dit onderzoek van het UMCG is het idee dat rokers die gevoelig zijn om COPD te ontwikkelen, een andere en heftiger ontstekingsreactie hebben op inhaleren van sigarettenrook dan rokers die dat niet zijn. Deze gevoeligheid om COPD te ontwikkelen is mede het gevolg van erfelijke factoren. Ongeveer 20-30% van de rokers ontwikkelt uiteindelijk COPD.
COPD
Chronisch obstructieve longziekte (COPD) is een luchtwegziekte die gepaard kan gaan met chronisch hoesten, slijm opgeven en kortademigheid. Na vele jaren roken kan deze ziekte ontstaan bij personen die hiervoor bevattelijk zijn, omdat ze er een erfelijke aanleg voor hebben. Het roken veroorzaakt een ontsteking van het slijmvlies in de luchtwegen die uiteindelijk kan leiden tot een blijvende schade aan de luchtwegen en longblaasjes. In een vroeg stadium is dit nog niet aan te tonen, maar na langdurig roken is COPD wel met eenvoudig longfunctie-onderzoek vast te stellen. Er zijn sterke aanwijzingen dat de ziekte zich niet alleen afspeelt in de longen, maar dat roken ook een ontsteking in het bloed veroorzaakt die gevolgen heeft voor andere organen en weefsels.
Doel onderzoek
Het voornaamste doel van dit onderzoek is vast te stellen of de vatbaarheid voor COPD op jonge leeftijd al aantoonbaar is met een verschil in ontstekingsreactie na het roken van enkele sigaretten. De vatbaarheid voor COPD wordt vastgesteld door aanwezigheid van COPD in de familie. De onderzoekers willen verder in het bloed aantonen welke erfelijke factoren bijdragen aan een abnormale ontstekingsreactie op roken. Ook kan hiermee wellicht een manier gevonden worden om in de toekomst de diagnose COPD in een vroeg stadium vast te stellen, bijvoorbeeld met een bloedproef, het afgeven van een ademmonster of het inleveren van spuug.
Deelnemers
Drie groepen van deelnemers kunnen aan dit onderzoek meedoen. Het gaat hierbij om personen tussen de 18 en 40 jaar met rokende familieleden met of zonder COPD; daarnaast kunnen personen deelnemen tussen 40 en 75 jaar die COPD hebben. Essentieel is dat deelnemers in staat zijn om eenmalig drie sigaretten te kunnen roken en dat zij ook enkele dagen kunnen stoppen met roken.
De eerste resultaten worden eind 2012 verwacht. Het UMCG hoopt dat dit onderzoek informatie over de aard van de ontstekingsreactie oplevert, wat belangrijk kan zijn om COPD in de toekomst te voorkomen en beter te kunnen behandelen.
Meer informatie over dit onderzoek is te vinden op: www.longziekten.umcg.nl
View full post on FysioForum
Een kunstheup bij een jonge patiënt? Het gebeurt inderdaad en zelfs steeds vaker. Het behalen van goede resultaten is daarbij een uitdaging, want jon View full post on Fysiotherapie : Nieuws