Posts Tagged ‘zorg’
Volgens bronnen rond het Lente-akkoord gaat het eigen risico in 2013 van 220 euro naar 350 euro. Dit betekent dat wij de eerste 350 euro aan zorgkosten zelf moeten betalen. Het geldt overigens alleen voor zorg, die wordt vergoed vanuit de basisverzekering. Voor medische kosten die vanuit de aanvullende zorgverzekering zijn gedekt geldt geen eigen risico.
Naast de verhoging van het eigen risico, gaan gehoorapparaten uit het basispakket van de zorgverzekering. Dit bevestigden bronnen maandag aan het RTL Nieuws. Op dit moment krijgt iemand met een gehoorapparaat 509,50 euro vergoed per oor vanuit de basisverzekering.
Vannacht zijn de VVD, CDA, D66, Groenlinks en ChristenUnie het eens geworden over het Lente-akkoord. In totaal liggen er voor 12 miljard euro aan bezuinigingen op tafel. De plannen gaan nu naar het Centraal Planbureau.
Bron: Verzekeringssite
View full post on FysioForum
In 2011 bedroegen de uitgaven aan de gezondheids- en welzijnszorg 90,0 miljard euro. Dit is 3,2 procent meer dan in 2010. In de periode 2004-2008 stegen de uitgaven aan zorg steeds sneller, tot 6,8 procent in 2008. Daarna volgde een kentering met een groei van 5,2 procent in 2009 en van 3,9 procent in 2010. Dit blijkt uit nieuwe voorlopige cijfers van het CBS.
Verreweg de grootste kostenpost van de meeste zorgaanbieders bestaat uit de loonkosten. Door een toenemend aantal banen en stijging van de lonen nam de loonsom in 2011 met ruim 3 procent toe.
De uitgaven aan ziekenhuizen en specialistenpraktijken stegen in 2011 met 3,8 procent. In 2010 was dat nog 6 procent. De lagere groei komt grotendeels door een eenmalige extra vergoeding die veel ziekenhuizen in 2010 kregen voor reeds gemaakte kosten van nieuwbouw. Daarnaast werkte het effect van eerdere tariefdalingen bij medisch specialisten door. De uitgaven aan ziekenhuizen en specialistenpraktijken vormen ruim een kwart van de totale uitgaven aan zorg.
Na drie jaren met marginale uitgavengroei zijn de uitgaven aan huisartsenpraktijken in 2011 met ruim 8 procent toegenomen. Dit komt vooral door tariefverhogingen. De uitgaven aan de zogenaamde ketenzorg zijn hier niet bij inbegrepen.
De uitgaven aan tandartsenpraktijken namen met slechts 0,8 procent toe. Deze beperkte toename komt vooral doordat de tandheelkundige zorg voor 18 tot 22-jarigen uit de basisverzekering is gehaald. Een deel van de zorgconsumptie van deze leeftijdscategorie wordt nu particulier betaald.
Aan via openbare apotheken en drogisten verstrekte geneesmiddelen is in 2011 bijna 2 procent meer uitgegeven. Vooral het gebruik van dure geneesmiddelen droeg bij aan die stijging. Daartegenover stonden prijs- en tariefdalingen en beperkingen in de aanspraken op grond van de basisverzekering (anticonceptiva voor vrouwen van 21 jaar en ouder en antidepressiva). Een deel van de consumptie van deze middelen wordt nu particulier betaald. Het is voor het vierde achtereenvolgende jaar dat sprake is van een beperkte toename van de uitgaven aan geneesmiddelen.
De uitgaven aan de ouderenzorg, gehandicaptenzorg en geestelijke gezondheidszorg laten in 2011 een gematigde stijging zien van 2 tot 3 procent. Bij de ouderenzorg dalen de kosten van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), mede als gevolg van een door het rijk opgelegde korting op het voor de gemeenten beschikbare budget.
Het aandeel van de zorguitgaven in het bruto binnenlands product (bbp) is in 2011 licht gestegen tot 14,9 procent. De uitgaven per hoofd van de bevolking bedroegen 5 392 euro. In 2010 was dat 5 247 euro.
Download het rapport in PDF
Bron: CBS
View full post on FysioForum
In 2013 gaat waarschijnlijk het eigen risico in de zorg naar 400 euro. Dit jaar is het eigen risico 220 euro. Dat melden diverse media.
Op de zorg moet 1 miljard euro worden bezuinigd, dat hebben de VVD, CDA, D66, Groenlinks en ChristenUnie in het crisisakkoord bepaald. De laagste inkomens moeten gecompenseerd gaan worden, maar het is nog niet bekend hoe dit gaat gebeuren.
Wat betekent de verhoging van het eigen risico?
Iedereen heeft in 2012 een verplicht eigen risico van 220 euro. Dit betekent dat u dat deel van de zorgkosten zelf moet betalen. Dit geldt alleen voor zorg die wordt vergoed vanuit de basisverzekering.
Geen rekening
Voor de zorg van de huisarts, verloskundige zorg, kraamzorg, bevolkingsonderzoeken, griepprik (voor risicogroepen) en tandheelkundige zorg voor jongeren tot 18 jaar zal uw zorgverzekeraar geen rekening sturen.
November 2012
In november 2012 krijgt iedereen van zijn of haar zorgverzekeraar een aanbieding voor 2013 in de bus. Rond Prinsjesdag wordt het pakket van de basisverzekering bekend gemaakt.
Bron: FysioVergoedingen
View full post on FysioForum
Patiëntgerichte zorg kenmerkt zich door een goede communicatie met de verschillende zorgverleners en meebeslissen over de behandeling. Patiënten vinden dit bij alle behandelingen zeer belangrijk, zo blijkt uit een publicatie van onderzoekers van het NIVEL en het Centrum Klantervaring Zorg in het wetenschappelijke tijdschrift Patient Education & Counselling.
Zorg is tegenwoordig geen goede zorg meer als die niet ‘patiëntgericht’ is met de ‘patiënt centraal’. Wat het interessant maakt te onderzoeken wat patiënten zélf vinden van alle inspanningen om de zorg patiëntgericht te maken. Wat vinden zíj belangrijk? De onderzoekers vroegen patiënten met hartfalen, hernia, borstkanker, reuma en heup- of knieoperaties naar hun oordeel. Een van de aannames was dat patiënten met acute klachten patiëntgerichtheid minder belangrijk zouden vinden. Maar dat is niet het geval. Alle onderzochte patiëntengroepen blijken patiëntgerichtheid in de zorg bovengemiddeld belangrijk te vinden. En in veel gevallen ook belangrijker dan wachttijden, accommodatie, privacy of nazorg na ontslag uit het ziekenhuis.
Vriendelijk en meebeslissen
NIVEL-onderzoeker Dolf de Boer: “Het maakt kennelijk niet uit welk gezondheidsprobleem patiënten hebben, ze weten heel goed wat ze belangrijk vinden. Ze hebben een duidelijk beeld van patiëntgerichte zorg en die staat altijd hoog op de prioriteitenlijst. Dat is op zich niet zo gek, want patiënten zitten vaak in onzekerheid en hebben goede informatie nodig om met hun gezondheidsprobleem om te kunnen gaan. Patiëntgerichte communicatie draagt hieraan bij – de arts moet vriendelijk zijn en een luisterend oor bieden. Patiënten willen bovendien het gevoel hebben dat er niet over hun hoofd wordt beslist, maar dat zij kunnen meebeslissen over de behandeling. Meebeslissen is een recht. Artsen moeten hen daarvoor de ruimte geven. Gezien de actievere rol die de overheid voor patiënten voor ogen heeft, is het belangrijk dit te blijven meten.”
Onderzoek
De onderzoekers ontwikkelden een schaal voor patiëntgerichte zorg met een aantal items uit CQ-indexen, vragenlijsten die ontwikkeld zijn om te meten wat patiënten belangrijk vinden en wat hun ervaringen zijn. Ze zochten in de wetenschappelijke literatuur naar elementen die patiëntgerichte zorg kenmerken. Vervolgens hebben zij gekeken welke items in de CQ-index-vragenlijsten daarmee overeenstemmen. En zo konden zij een schaal maken om de ‘patiëntgerichtheid’ van de zorg te meten. De schaal is gebaseerd op wat patiënten belangrijk vinden. Ze kunnen met een score van 1 tot 4 het belang aangeven. 1345 patiënten vulden de vragenlijsten in.
Bron: Nivel
View full post on FysioForum
De stijgende kosten van de gezondheidszorg worden beslist niet alleen veroorzaakt door de vergrijzing van de bevolking. Dat stelt dr. Claudine de Meijer, expert in zorguitgaven.
Nederland vergrijst. In 2040 wordt een piek bereikt, als een kwart van de bevolking 65 jaar of ouder is. De kosten van de zorg stijgen al jaren, maar het is onjuist om de kostenstijging alleen aan de vergrijzing te wijten. Ook andere factoren tellen mee en de overheid kan op het geheel wel degelijk invloed op uitoefenen, benadrukt De Meijer.
Op 1 maart promoveerde Claudine de Meijer aan de Erasmus Universiteit Rotterdam op de groei van curatieve en langdurige uitgaven in een vergrijzende samenleving. Zij werkt bij het iBMG.
Bij de curatieve zorg, dat zijn vooral behandelingen die in ziekenhuizen worden gegeven, lijkt technologische vooruitgang het sterkst de kosten op te drijven. Denk hierbij aan nieuwe generaties dure medicijnen en hypermoderne apparatuur. Door nieuwe technologie stijgt bovendien het aantal behandelingen. Dit komt doordat de therapieën beschikbaar komen voor nieuwe groepen patiënten, bijvoorbeeld omdat de behandelingen veiliger zijn.
Ook stijging van de lonen maakt de zorg duurder. De zorg is arbeidsintensief en wordt daarom vaak als een ‘banenmotor’ aangeduid. Verder zijn de gestegen prijzen van producten en diensten, bijvoorbeeld electriciteit, eveneens debet aan de steeds duurder wordende zorg.
Bron: Erasmus MC
View full post on FysioForum
De Radboud REshape Academy organiseert in 2012 acht bijzondere interactieve masterclasses over de verschillende aspecten van ‘zorg 2.0’. De masterclasses bieden concrete handvatten om aan de slag te gaan met zorg 2.0. De eerste bijeenkomst vindt plaats op 21 maart aanstaande en staat in het teken van ‘De patiënt als partner’.
De patiënt als partner
De relatie tussen zorgprofessional en patiënt gaat de komende jaren drastisch op de schop. In plaats van een passief voorwerp van zorg zal de patiënt steeds meer veranderen in een actieve participant, die op voet van gelijkwaardigheid, samen met de zorgverlener, zorg draagt voor zijn eigen gezondheid. De omslag naar actieve verantwoordelijkheid van de patiënt dwingt zorgprofessionals tot een gedragsverandering en zorgorganisaties tot eigentijdse vormen van communicatie en services.
In de masterclass ‘De patiënt als partner’ vindt een interactieve uitwisseling plaats over dilemma’s, kansen en praktijkervaringen.
In de andere masterclasses komen onderwerpen aan bod als ‘ICT voor de zorg, van zelfmanagement naar communitymanagement en E-Health is Empowered health. Lucien Engelen, directeur Radboud Reshape: ‘Het bijzondere van onze masterclasses is dat we ervaringen delen van mensen die dagelijks nog ‘met hun benen in de modder staan’. We willen een platform bieden voor ‘lessons learned’ en ‘questions to ask’ vanuit de dagelijkse praktijk. Dat doen we dwars door de zorgsectoren heen én in kruisbestuivingen met het bedrijfsleven. We bieden een mix van toonaangevende sprekers die kennis en ervaringen delen en interactieve sessies waarin we praktijkcases bespreken. En heel belangrijk, de masterclasses zijn ‘patients included’. Dat betekent dat diverse patiënten spreken over hun ervaringen en dat ze welkom zijn als gast. Hiervoor stellen we ook een aantal gratis kaarten beschikbaar.’
Programma
- Participatory Healthcare = Patiënt als Partner (21 maart 2012)
- E-health = Empowered Health (25 april 2012)
- Zorgcommunicatie 2.0: van zelfmanagement naar communitymanagement (30 mei 2012)
- ICT voor de zorg (27 juni 2012)
- Innovatie en verandermanagement (26 september 2012)
- Financiering van innovatie in een 2.0 wereld (31 oktober 2012)
- HRM 2.0 (28 november 2012)
- Participatory Medical Education (12 december 2012)
Kijk voor het volledige masterclass-programma op de website van REshape.
View full post on FysioForum
ParaBench, dé Benchmark voor paramedici ParaBench gaat vanaf januari 2012 inzicht geven in de kwaliteit van de geleverde paramedische zorg in Nederland. Het doel is om gegevens binnen de paramedische beroepsgroepen vergelijkbaar te maken en te komen tot objectieve gegevens op diverse aspecten binnen de paramedische zorg.
Start per januari 2012
ParaBench staat voor Paramedische Benchmark. Vanuit Intramed worden gegevens zichtbaar gemaakt in een dashboard voor de praktijk. Fysiotherapeuten kunnen met dit dashboard vanaf januari 2012 de eigen prestaties afzetten tegen die van andere praktijken.
Vervolg
In de eerste fase kunnen alleen fysiotherapeuten gegevens aanleveren. De gegevens zijn niet tot de patiënt herleidbaar, maar geven wel inzicht in de efficiëntie van de praktijk en de effectiviteit van de gegeven zorg.
Alle gegevens kunnen gesplitst worden op klacht, leeftijd, geslacht en later ook op postcodegebied. In de loop van 2012 zal er een uitbreiding plaatsvinden waardoor andere disciplines mee kunnen doen en ook outcome data vergeleken kan worden (welke behandeling is er gebruikt en welke verbetering heeft dat bij de patiënt tot stand gebracht). Er zal ook een koppeling tot stand gebracht worden met gegevens uit de CQ index.
Vanaf 2013 is ParaBench ook toegankelijk voor andere paramedische softwareleveranciers.
ParaBench levert een compleet beeld van de praktijkvoering. Alle kwaliteitsaspecten binnen een praktijk komen bij elkaar in één dashboard en kunnen vergeleken worden met andere praktijken.
ParaBench is een initiatief van Intramed in samenwerking met de Praktijk Index en Magistro.
Voor meer informatie: www.parabench.nl
View full post on FysioForum
Het kabinet hecht grote waarde aan het verbeteren van de kwaliteit, veiligheid, transparantie en doelmatigheid van de zorg. Een speciaal ‘instituut’ gaat hiertoe nieuwe initiatieven stimuleren en bestaande krachten bundelen. Het belang van de patiënt komt in de activiteiten van het instituut centraal te staan.
Minister Edith Schippers en staatssecretaris Marlies Veldhuijzen van Zanten (beiden VWS) hebben vandaag een wetsvoorstel hierover voor advies naar de Raad van State gestuurd.
Taken en verantwoordelijkheden op het gebied van kwaliteit zijn nu nog versnipperd over verschillende instanties. Om dit efficiënter vorm te geven en om onnodige kosten en bureaucratie te voorkomen, worden deze taken ondergebracht bij één organisatie. Hiertoe wordt geen nieuwe organisatie opgetuigd, maar wordt aangesloten bij het huidige College van Zorgverzekeringen (CvZ). Het CvZ wordt omgedoopt in het Nederlands Instituut voor de Zorg (NIvZ). Het NIvZ gaat bestaan uit vier secties: uitvoering verzekeringen, pakketbeheer, kwaliteitsinstituut en zorgberoepen en -opleidingen.
Het NIvZ (sectie kwaliteitsinstituut) krijgt als taak de kwaliteit van de zorg permanent te verbeteren. Belangrijk onderdeel daarvan is het stimuleren en ondersteunen van de ontwikkeling van professionele standaarden en richtlijnen. Deze zijn voor artsen en andere beroepsgroepen leidraad bij hun handelen; wensen en behoeften van patiënten staan hierbij centraal. Daarnaast worden onderscheidende indicatoren ontwikkeld die de patiënt of cliënt helpen bij zijn keuzes in de zorg.
Richtlijnen, standaarden en indicatoren moeten goed toepasbaar zijn voor zorgaanbieders, handhaafbaar voor de toezichthouder en ze moeten voor zorgverzekeraars goed bruikbaar zijn bij hun zorginkoop.
Het is overigens allereerst aan de partijen in het zorgveld zelf om de kwaliteit van de zorg permanent te verbeteren. Wanneer de sector dit nalaat, krijgt het kwaliteitsinstituut de ‘doorzettingsmacht’ om verbeteringen af te dwingen.
Een andere belangrijke opdracht voor het kwaliteitsinstituut is het terugdringen van administratieve lasten en regeldruk. Dit kan door bijvoorbeeld richtlijnen beter op elkaar te laten aansluiten en niet-onderscheidende indicatoren af te schaffen. Voorop staat dat aangesloten wordt bij het primaire zorgproces.
De sectie zorgberoepen en -opleidingen van het NIvZ gaat rapporteren aan het ministerie en het zorgveld over gewenste vernieuwingen van de opleidingen- en beroepenstructuur. Een voorbeeld daarvan zijn eventuele nieuwe verdelingen van bevoegdheden tussen bestaande en nieuwe professionals in de zorg en de consequenties daarvan voor de relevante opleidingen.
Een andere taak van het NIvZ is het stimuleren van gepast gebruik in de zorg. Goede indicatiestelling, het tegengaan van ongewenste praktijkvariatie en het voorkomen van over- (of onder-) behandeling zijn onderdelen van gepast gebruik. Gepast gebruik helpt de zorg voor de toekomst betaalbaar te houden.
Bron: MinVWS
View full post on FysioForum
Verpleeg- en verzorgingshuizen en thuiszorgorganisaties die een relatief slechte beoordeling van patiënten hadden gekregen, hebben hun zorg verbeterd. De prestaties kunnen mogelijk nog beter worden door cliënten actief te betrekken bij het doorvoeren van verbeteringen, stelt Marloes Zuidgeest in onderzoek van Tranzo, het NIVEL en het Centrum Klantervaring Zorg, waarop zij woensdag 21 december aan Tilburg University promoveert.
De ervaringen van cliënten met de zorg worden gemeten met gestandaardiseerde vragenlijsten, de Consumer Quality Index (CQI of CQ-index). Bij het opstellen en testen van die vragenlijsten krijgt de inbreng van cliënten veel aandacht. Maar bij het gebruik van de meetresultaten voor het verbeteren van de zorg zijn cliënten nog te weinig betrokken. Cliëntenraden van verpleeg- en verzorgingshuizen hebben wettelijke rechten om op basis van een CQI meting advies te geven en verbeterprioriteiten te benoemen. Ze maken echter te weinig gebruik van deze bevoegdheden. In de praktijk bepaalt vooral het management van een instelling hoe gegevens over cliëntervaringen worden gebruikt in het kwaliteitsbeleid. De prestaties kunnen mogelijk nog beter worden door cliënten daadwerkelijk te betrekken bij verbeterstrategieën, stelt Marloes Zuidgeest.
Standaard
De Consumer Quality index (CQ-index) is de Nederlandse standaard voor het meten van ervaringen van patiënten met de zorg. Deze gestandaardiseerde methode levert kwaliteitsgegevens op waarmee de ervaringen van cliënten zijn te verbeteren. Uit het onderzoek van Zuidgeest blijkt dat de CQ-index methodiek valide en wetenschappelijk betrouwbare gegevens oplevert, die voor cliëntenraden herkenbaar zijn en die duidelijk iets toevoegen aan de informatie die verpleegkundigen en verzorgenden over cliënten vastleggen. Toch zijn er verbeterpunten. In de ontwikkelfase van CQ-index vragenlijsten moet bijvoorbeeld meer aandacht worden besteed aan de interviewmethoden, om ervoor te zorgen dat cliënten de vragen goed begrijpen. Daarnaast moeten rapporten en presentaties over de resultaten van metingen zo duidelijk zijn gesteld dat cliëntenraden de uitkomsten begrijpen en ermee aan de slag kunnen, samen met het management en de professionals in de instelling.
Bron: NIVEL
View full post on FysioForum
Kijken artsen en zorggebruikers anders tegen vraagsturing en knelpunten in de zorg aan dan zeven jaar geleden? Beiden vinden ongevraagd leefstijladvies belangrijk en beiden hebben bedenkingen bij commercialisering van de zorg. Over meebeslissen en het belang van keuze-informatie verschillen ze nog steeds van mening.
Een doelmatig werkend stelsel met kwalitatief goede én betaalbare zorg. Dat was de doelstelling toen in 2006 de Zorgverzekeringswet en de Wet marktordening gezondheidszorg werden ingevoerd. Speerpunten waren onder meer: ontwikkeling van een aanbodgestuurde naar een vraaggestuurde inrichting van de zorg, gereguleerde marktwerking en keuzevrijheid voor patiënten. De KNMG en het NIVEL (Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg) vroegen in 2003 artsen en zorggebruikers om hun mening. In 2010 deden ze dat opnieuw.
Keuze-informatie en meebeslissen
Over meebeslissen en het belang van keuze-informatie zijn artsen en zorggebruikers het nog steeds niet eens. Informatie is voor patiënten belangrijk om te kunnen kiezen voor een specialist of ziekenhuis. De meesten (85%) vinden dat zij daarvoor de precieze kwaliteit van artsen en ziekenhuizen moeten weten. Artsen zijn hier veel minder vaak van overtuigd (50%), net zoals in 2003. De aandacht voor keuze-informatie en transparantie van de kwaliteit, heeft volgens zowel zorggebruikers als artsen nog niet geleid tot meer kennis over de kwaliteit van voorzieningen. Van de artsen vindt 70% dat patiënten nu al meebeslissen over hun zorg, tegenover 38% van de zorggebruikers. Dit verschil in beleving bestond ook in 2003.
Medische gegevens
Vier vijfde van de zorggebruikers en de helft van de artsen vindt dat het medisch dossier eigendom moet zijn van de patiënt. Beiden hebben niet al te veel vertrouwen in veilige elektronische gegevensuitwisseling in de zorg. Op een schaal van 1 tot 10 (heel weinig respectievelijk heel veel vertrouwen) geven zorggebruikers een 5,6 en artsen een 4,9.
Ongevraagd leefstijladvies
Voor ongevraagd advies van artsen over bijvoorbeeld roken, drinken, voeding, onveilig vrijen en lichaamsbeweging is zowel onder artsen (84%) als onder zorggebruikers (75%) veel draagvlak.
Samenwerking en luisteren
Evenals in 2003 zien zorggebruikers veel meer dan artsen als probleem dat artsen niet met elkaar samenwerken en naar patiënten luisteren. De helft van de artsen denkt dat zij kunnen aanvoelen wat problemen voor de patiënt betekenen, tegenover slechts 22% van de zorggebruikers.
Commercialisering
Het aantal voorstanders van commercialisering in de zorg is klein bij zowel zorggebruikers als artsen, en is licht gedaald ten opzichte van 2003. Slechts een klein deel van beide groepen vindt dat concurrentie in de zorg tot een hogere kwaliteit van zorg leidt.
Actie
Artsen- en patiëntenorganisaties, en medische (vervolg)opleidingen hebben nog veel werk te doen. De KNMG en de NPCF gaan op korte termijn bespreken welke acties nodig zijn om de kloof te verkleinen. Ze denken aan (na)scholing en richtlijnen voor artsen en willen tempo maken met het beschikbaar stellen van keuze- en kwaliteitsinformatie door artsen en ziekenhuizen. Met dit laatste is al een goede start gemaakt door onder meer de Orde van Medisch Specialisten en de Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties (NFK) met het uitbouwen van kwaliteitsregistraties. Met de Consumer Quality Index is ook keuze- en kwaliteitsinformatie van patiënten beschikbaar gekomen.
Methode
Voor het onderzoek is in juni 2010 de vragenlijst ‘Ervaringen met de gezondheidszorg’ verspreid. De resultaten zijn gebaseerd op de respons van 987 leden van het Consumentenpanel Gezondheidszorg van het NIVEL en 1935 leden van het KNMG-ledenpanel.
Bron: NIVEL
View full post on FysioForum